Update
Geachte heer/mevrouw,
Bijgaand treft u een nieuwe STAB OGR Update aan.
In deze nieuwsbrief vindt u een overzicht van de rechtspraak die sinds de vorige nieuwsbrief op www.ogr-updates.nl is gepubliceerd en die te raadplegen is via de links die bij elke samenvatting zijn opgenomen. De rechtspraak wordt geselecteerd en samengevat door medewerkers van STAB.
Annotatie
Jan-Eelco Dijk, advocaat bij Vos & Vennoten Advocaten, schreef een annotatie bij de uitspraak van de Afdeling van 4 februari 2026 (ECLI:NL:RVS:2026:615). Deze uitspraak betreft een op basis van intern salderen verleende natuurvergunning voor militaire trainingsactiviteiten op Vlieland. In de annotatie wordt het toetsingskader bij intern salderen beschreven en toegelicht op welke wijze de Afdeling dit kader in dit geval toepast. De referentiesituatie wordt ontleend aan een Hinderwetvergunning uit 1960, op basis waarvan volgens de Afdeling veel was toegestaan. Vervolgens wordt de motivering van het besluit getoetst aan het additionaliteitsvereiste. Die motivering is onvoldoende, de Afdeling gaat niet mee in de redenering dat deze toetsing in dit geval, vanwege het belang van de nationale veiligheid, achterwege kon blijven.
Rechtspraak
Onderaan deze mail kunt u de pdf met alle nieuw toegevoegde samenvattingen vanaf de website downloaden. Wij lichten de volgende uitspraken hier voor u uit:
Artikel 22.6, eerste lid, van de Ow staat niet in de weg aan het opnemen van een voorrangsregel in het (nieuwe deel van het) omgevingsplan
De gemeenteraad van Ouder-Amstel heeft de ‘Voorbereidingsbesluiten, beperkingengebied lokale spoorweg en bodem’ als wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Ouder-Amstel vastgesteld. Met het besluit tot wijziging zijn ook de artikelen 7.1 tot en met 7.5 aan de regels van het omgevingsplan toegevoegd. In artikel 7.4 van het (nieuwe deel van het) omgevingsplan is een zogenoemde voorrangsregel opgenomen, waarmee de verhouding tussen het tijdelijke deel en het nieuwe deel van het omgevingsplan wordt geregeld. De voorzieningenrechter van de Afdeling ziet, hoewel de beroepsgronden van verzoeker daar geen aanleiding toe geven, aanleiding om de rechtspraktijk duidelijkheid te bieden over de rechtmatigheid van voorrangsregels in verhouding tot artikel 22.6, eerste lid, van de Ow. Hij oordeelt dat artikel 22.6, eerste lid, van de Ow niet in de weg staat aan het opnemen van een voorrangsregel in het (nieuwe deel van het) omgevingsplan. OGR 2026-0074
Omgevingsvergunning voor afwijken bestemmingsplan, voorschrift over cameratoezicht niet toegestaan
Het college van burgemeester en wethouders van Buren heeft een tijdelijke omgevingsvergunning verleend voor het gebruiken van een bestaande loods voor opslag. Aan de omgevingsvergunning heeft het college voorschriften verbonden, onder meer over cameratoezicht. Eiser voert aan dat deze voorschriften niet gesteld hadden mogen worden omdat ze geen rechtstreeks verband houden met de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het vergunde gebruik. Het college voert aan dat er meerdere klachten zijn van omwonenden die onder meer zien op verkeersbewegingen van voertuigen op- en afgaand van het perceel van eiser. Het college stelt zich op het standpunt dat hij ervoor mag kiezen om cameratoezicht ter ondersteuning van de bevoegdheidsuitoefening toe te passen. De rechtbank Gelderland oordeelt dat de voorschriften niet zijn gesteld met het oog op een goede ruimtelijke ordening. Dit volgt uit het standpunt van het college. Het is niet toegestaan om voorschriften aan de omgevingsvergunning te verbinden die niet nodig zijn met het oog op het belang van de goede ruimtelijke ordening. OGR 2026-0070
Ow, omgevingsvergunning, ETFAL, motiveren dat Natura 2000-activiteit niet op voorhand de uitvoering van de aangevraagde vergunning onmogelijk maakt
Het college van burgemeester en wethouders van Gilze en Rijen heeft een omgevingsvergunning verleend voor een omgevingsplanactiviteit voor het bouwen van een distributiecentrum. Hierbij is toepassing gegeven aan een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid. Verzoekers stellen dat ook een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit nodig is. De voorzieningenrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de onlosmakelijke samenhang onder de Ow is komen te vervallen, daarom hoeft een eventuele vergunning voor een Natura 2000-activiteit niet gelijktijdig te worden aangevraagd. Bij de beoordeling van de evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet wel worden gemotiveerd waarom de Natura 2000-activiteit niet op voorhand de uitvoering van de aangevraagde vergunning onmogelijk maakt. OGR 2026-0071
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen hebben over uw abonnement op deze nieuwsbrief of de website www.ogr-updates.nl, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.
Heeft u inhoudelijk opmerkingen of vragen over de samenvattingen en/of annotaties op www.ogr-updates.nl, dan kunt u zich rechtstreeks richten tot de OGR Updates-redactie van STAB via ogr-updates@stab.nl.
Met vriendelijke groet,
Redactie van STAB OGR Updates
Rechtbank
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant Handhaving onder de Omgevingswet. Overtreding van bepalingen uit het omgevingsplan en het Besluit activiteiten leefomgeving. 23-03-2026
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant Er wordt niet voldaan aan de derde eis van artikel 22.27 sub f van het omgevingsplan. Daarmee is de uitzondering op de vergunningplicht die wordt geregeld in dit artikel niet van toepassing op de erfafscheiding. De erfafscheiding van eisers is dus op grond van artikel 22.26 van het omgevingsplan vergunningplichtig. Deze bepaling, in samenhang met artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet, wordt door eisers overtreden. 12-03-2026
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant Omgevingsvergunning voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit, waarbij toepassing is gegeven aan een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid. Vervallen onlosmakelijke samenhang met de komst van de Omgevingswet. Bij de beoordeling van de evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet worden gemotiveerd waarom de Natura 2000-activiteit niet op voorhand de uitvoering van de aangevraagde vergunning onmogelijk maakt. 09-03-2026
- Rechtbank Gelderland De voorschriften over cameratoezicht die aan de omgevingsvergunning zijn verbonden, zijn niet gesteld met het oog op een goede ruimtelijke ordening. De vrees dat het college op diverse momenten moet controleren op het perceel van eiser om na te gaan of hij zich aan de omgevingsvergunning houdt, is geen afweging die het college kan maken in het kader van een goede ruimtelijke ordening. 05-03-2026
- Rechtbank Rotterdam Omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit (kappen bomen). Vervallen onlosmakelijke samenhang onder de Omgevingswet. Voor een voorlopig oordeel over de rechtmatigheid van de voorliggende vergunning is alleen het stelsel van weigeringsgronden uit de APV relevant en niet of een omgevingsvergunning voor een andere activiteit, zoals de flora- en fauna-activiteit uit artikel 5.1, tweede lid, onder g van de Omgevingswet, noodzakelijk is en of zo’n vergunning kan worden verleend. 04-03-2026
- Rechtbank Midden-Nederland Het college heeft zijn eerder ingenomen standpunt verlaten en erkend dat de weigering van de omgevingsvergunning niet in stand kan blijven, omdat de aanvraag voldoet aan het bestemmingsplan. De uitlating die namens het college door de juridisch adviseur handhaving van de gemeente is gedaan, kwalificeert als een toezegging die aan het college kan worden toegerekend. Het ingenomen standpunt dat een bedrijfswoning noodzakelijk is, maakt dat er nu geen ruimte meer is voor een ander oordeel dan dat de vergunning moet worden verleend. 25-02-2026
- Rechtbank Midden-Nederland Het college is bevoegd om een omgevingsvergunning in te trekken als er gedurende een jaar geen activiteiten zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning. Volgens vaste rechtspraak van de Afdeling komt het college bij toepassing van de bevoegdheid om een omgevingsvergunning op die grondslag in te trekken beleidsruimte toe. Dat is onder de Omgevingswet niet anders dan onder de voormalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 24-02-2026
- Rechtbank Midden-Nederland Uitleg planregel tijdelijk deel omgevingsplan. In dit geval kan de rechtbank niet volstaan met een letterlijke uitleg van de planregel, maar moet hij deze in samenhang met andere planregels en eventueel de plantoelichting beoordelen. Uit de systematiek van de planregels en de plantoelichting leidt de rechtbank af dat het bestemmingsplan geen beperkingen bevat voor de bouw van dakkapellen. 24-02-2026
Raad van State
- Raad van State Artikel 22.6, eerste lid, van de Ow staat niet in de weg aan het opnemen van een voorrangsregel in het (nieuwe deel van het) omgevingsplan. De raad heeft het belang van verzoeker onvoldoende betrokken bij het nemen van het wijzigingsbesluit. 18-03-2026
- Raad van State Referentiesituatie natuurvergunning, beoordeling op basis van de in 1960 verleende Hinderwetvergunning. 04-02-2026